Je varken in de modder
Het is maandagavond, uurtje of half acht. Ik hang op de bank, de pannen staan nog op tafel, vieze borden, afgelikt bestek, de deksel al wel op de mayopot gedaan. "Martijn wil jij opruimen?" vroeg ik, want ik heb het druk. Vandaag weer een stagedag gehad en twee tentamens deze week waar ik nog bizar weinig, of eigenlijk praktisch niets, voor heb gedaan. Martijn is al even bezig, maar ik zit nog door m'n Instagramfeed heen te scrollen, NRC artikeltjes te lezen en nu zit ik te soggen door deze post te schrijven. Gemotiveerd studeren ziet er anders uit.
Afgelopen donderdag had ik een toets over rekenonderwijs, de didactiek ervan. Het was leuke stof, de toets was saai, maar ik heb hem wel gehaald. Ik vond hem saai omdat het alleen maar leervragen waren. Ik weet niet hoe je dat noemt. Van die vragen die een docent stelt om te checken of je de stof wel hebt gelezen. Ik voel me veel serieuzer genomen als er ook wordt gevraagd naar het waaróm in de bestudeerde stof. Waarom de ene didactische aanpak beter werkt dan de andere. Dus bijvoorbeeld 'waarom is het belangrijk dat leerlingen eerst goed weten hoe de interne structuur van een getal eruit ziet voordat je hen leert optellen en aftrekken, en hoe kan het rekenrek daarbij ondersteunen?' Zoiets. In plaats van: 'een leerling uit groep 1 kan in één oogopslag een kleine hoeveelheid tellen, hoe noem je deze vaardigheid?' Even voor jou, dat is subiteren.
Donderdagavond staat de taaldidactiek op de toetsrol, en vrijdagochtend de gevreesde Wiscat. Ik heb dus 2,5 dagen om voor twee toetsen te studeren. toi toi toi. Bleh.
Vandaag was het dus maandag. Stagedag. Ik had een taalles voorbereid voor die engeltjes van me. Ze gingen een fantasieverhaal schrijven. Helemaal mijn ding, want een vrije opdracht waar je alle kanten mee op kan, het verrast en vind ik dus heel erg leuk. Ik had mijn verwachtingen al naar beneden bijgesteld nav mijn vorige lessen. Deze kinderen hebben veel structuur nodig, moet je informatie in beetjes geven, is herhaling belangrijk en moet je de oefeningen tot in detail voordoen zodat zij het kunnen nadoen. Wat er dan nog van echt leren overblijft weet ik niet, maar daarover een andere keer meer. (dit is namelijk iets wat veel in m'n hoofd zit de afgelopen week en waardoor ik twijfel of ik wel op deze stageschool wil blijven. Maar daar wil ik liever een andere keer een hele post aanwijden ipv drie regels in een alinea. Oké? ok)
We gingen dus een fantasieverhaal schrijven. Maar voordat ik dat aankondigde sloeg de stress al toe. Ik dirigeerde de kinderen naar blz 28 in het werkschrift en dat was NIET GOED JUF! Ze waren namelijk nog maar bij bladzijde 22 en hoe haalde ik het in mijn hoofd om zomaar een aantal bladzijden over te slaan?! STRESSSS!
Serieus hoor. Het duurde zeker vijf minuten voordat ze over de verwarring heen waren en rustig konden luisteren naar wat de bedoeling was.
Oké. Dat fantasieverhaal. Ik legde uit dat een tekst bestaat uit een inleiding - kern - slot. Dat je van te voren een onderwerp bedenkt en je verhaal een titel geeft. Om een beetje reuring aan de les te geven mochten ze elkaar helpen onderwerpen bedenken. Dat ging goed: veel dieren en gamepersonages passeerden de revue. Toen ging ik voordoen hoe je dat doet, de structuur van een verhaal opzetten. Ik zette mijn titel bovenaan. En bedacht hardop in steekwoorden wat er aan bod moest komen in de inleiding - kern - slot. Mijn opzet ging over mijn knuffelbeer die elke dag een feestje geeft als ik op school ben en op een dag vergeet om de troep op te ruimen waardoor ik achter zijn geheim kom, maar dat is niet erg, want dan kunnen we samen feestjes vieren. Leuk man. Ja heel leuk. En toen was het de beurt aan de kinderen.
"Juf ik snap het niet!"
Ja hoor. De uitleg koud afgerond en dan dit. Direct ook. Ik legde het nog een keer uit. En nog een keer. En toen nog steeds een paar leerlingen die werkelijk geen idee hadden wat ze moesten doen. Ik werd boos.
Ai ai ai. Kwaad worden op leerlingen die het niet begrijpen is natuurlijk not done *slaat handen voor haar ogen. Hierop ga ik dus uitgebreid reflecteren. Maar zal ik niet voor jullie doen. No worries.
Audrey greep in en haalde een leerling naar achteren zodat ze die stap voor stap persoonlijk kon begeleiden. Een andere leerling bleef kwaad op mij omdat ze het maar niet begreep, maar zij is niet het type dat de hele klas bijelkaar scheldt, dus ik liet haar even gaarkoken. En ik was geschrokken van mezelf en ging maar even kijken wat de rest van de klas ervan bakte.
De rest van de klas verraste me positief! Ik had in mijn lesvoorbereiding gezet dat ik al tevreden was als ze een onderwerp kunnen bedenken en een paar steekwoorden van hun fantasieverhaal kunnen opschrijven, maar de meesten schreven het gewoon uit! In hele zinnen! Dan bestonden de verhalen uit hooguit vijf zinnen, maar dat geeft niks. Ze hebben iets bedacht, een structuur opgezet en uitgeschreven. En de meesten wilden hun verhaal daarna nog voorlezen aan de rest van de klas ook. Apetrotse juf hierzo.
Ik geef je hier een verhaal van een leerling. Lees en huiver:
Je varken
Een varken in de modder
Hij rolt in de modder
Na 3 uur zinkt hij een beetje
En dan zinkt hij in de grond
En toen is hij doodgegaan
Het is bijna poëzie ;-)
Reacties
Een reactie posten